De sperwer is een kleine, snelle roofvogel die vooral voorkomt in bosrijke gebieden, parken en tuinen. Met zijn korte, brede vleugels en lange staart is hij uitstekend aangepast aan het vliegen tussen bomen en struiken. Hierdoor kan hij verrassend snel van richting veranderen tijdens de jacht. De sperwer jaagt voornamelijk op kleine vogels. Vanuit een verborgen plek wacht hij geduldig tot een geschikte prooi voorbijvliegt. Vervolgens zet hij de achtervolging in en gebruikt hij zijn behendigheid om de prooi te grijpen. Vooral dichte tuinen met veel struiken kunnen aantrekkelijke jachtgebieden zijn.
Een volwassen mannetje is duidelijk kleiner dan het vrouwtje. Het mannetje heeft een blauwgrijze rug en vaak een oranjebruine kleur op de borst. Het vrouwtje is groter en overwegend bruingrijs van kleur. Beide hebben opvallende, gele poten en een lange staart. In het voorjaar bouwt de sperwer een nest in een boom, meestal goed verborgen tussen takken. Het vrouwtje legt meerdere eieren en broedt deze uit. Na het uitkomen worden de jongen door beide ouders verzorgd totdat ze zelfstandig genoeg zijn om uit te vliegen.
Hoewel de sperwer een echte roofvogel is, speelt hij een belangrijke rol in de natuur. Hij maakt deel uit van een natuurlijk ecosysteem en helpt mee om populaties van kleine vogels in balans te houden. Met een beetje geluk kun je een sperwer zelfs vanuit je eigen tuin zien: vaak is een plotselinge paniek onder kleine vogels het eerste teken dat hij in de buurt is.





